Ga naar hoofdinhoud
Your session has expired. Reloading...

Bloedwaarden per lichaamssysteem

Elke bloedwaarde hoort bij een systeem in je lichaam: lever, schildklier, hart, hormonen. Zoek hieronder een waarde op. Per waarde lees je het referentiebereik en wat een afwijking kan betekenen.

Stel je eigen bloedtest samen met precies de biomarkers die je nodig hebt.

Stel je test samen

57 markers Zoeken...

Mineralen

IJzer

Serum-ijzer meet de hoeveelheid circulerend ijzer in uw bloed. IJzer is essentieel voor de hemoglobineproductie, het zuurstoftransport en het energiemetabolisme in het hele lichaam.

7-39 6-35 umol/l
Meer informatie
Mineralen

Kalium

Kalium is een essentieel elektrolyt en mineraal dat helpt bij het reguleren van de hartslag, spiercontracties, zenuwsignalen en vochtbalans. Het is een van de belangrijkste mineralen voor cardiovasculaire gezondheid.

3.4-5.2 3.4-5.2 mmol/l
Meer informatie
Nieren

Kreatinine

Kreatinine is een afvalstof die voortdurend in uw spieren ontstaat. De nieren filteren de stof uit het bloed en voeren hem af via urine. De kreatinine waarde in bloed is daarom een kerngetal voor de nierfunctie. Creatinine is dezelfde stof; beide schrijfwijzen worden in Nederland gebruikt. Omdat de aanmaak van uw spiermassa afhangt, leest hetzelfde getal per persoon anders. Een verhoogd kreatinine wijst dus niet automatisch op een nierprobleem. Deze pagina legt uit wat hoge en lage waarden kunnen betekenen. Ook leest u welke alledaagse dingen de uitslag tijdelijk verschuiven.

38-149 38-132 umol/l
Meer informatie
Hart en Vaten

LDL Cholesterol

LDL-cholesterol is de hoeveelheid cholesterol die wordt vervoerd in LDL-deeltjes, de deeltjes die zich in de vaatwand kunnen ophopen. Daaraan dankt LDL zijn bijnaam: het slechte cholesterol. Twee dingen staan zelden op een uitslag. Ten eerste wordt LDL in een gewoon lipidenprofiel meestal niet gemeten maar berekend uit uw totaal cholesterol, uw HDL en uw triglyceriden. Ten tweede is de bovengrens van 3,0 mmol/l een referentiewaarde van de bevolking en geen streefwaarde. Wat voor u een goede LDL-waarde is, wordt bepaald door uw totale risico op hart- en vaatziekten, niet door de grens die op het papier staat.

Meer informatie
Hormonen

LH (Luteïniserend Hormoon)

Een LH bloedtest meet luteïniserend hormoon, een hypofysehormoon dat essentieel is voor de voortplantingsfunctie. LH speelt een belangrijke rol bij het triggeren van de ovulatie bij vrouwen en het stimuleren van testosteronproductie bij mannen.

1.7-8.6 U/L
Meer informatie
Hematologie

Leukocyten

Leukocyten zijn de witte bloedcellen in uw bloed. Zij vormen de kern van uw afweer tegen bacteriën, virussen en schimmels. De leukocyten waarde geeft aan hoeveel van deze cellen er in een vaste hoeveelheid bloed zitten. Het getal is een optelsom van vijf verschillende celtypen, elk met een eigen taak. Bij het laboratorium dat de test uitvoert ligt het gebruikelijke bereik voor volwassenen tussen 4,3 en 10,0 x10^9/l. Laboratoria hanteren onderling licht verschillende grenzen. Kijk daarom altijd naar de referentiewaarde op uw eigen uitslag. Eén meting is geen diagnose. Het getal beweegt met infectie, inspanning, stress, roken en zelfs met het tijdstip van prikken. De spelling leucocyten komt op sommige uitslagen voor en betekent hetzelfde.

4-10 4-10 10^9/l
Meer informatie
Hematologie

Leukocyten Differentiatie

Een leukocytendifferentiatietest meet de relatieve verhoudingen van verschillende soorten witte bloedcellen in uw bloed. Het biedt een gedetailleerde uitsplitsing van uw immuuncelpopulaties en geeft waardevol inzicht in de werking van uw immuunsysteem.

Meer informatie
Hart en Vaten

Lp(a)

Lp(a), voluit lipoproteïne(a), is een LDL-achtig deeltje met een extra eiwit eraan vastgeklonken: apolipoproteïne(a). Dat ene extra eiwit maakt het deeltje schadelijker voor de vaatwand dan een gewoon LDL-deeltje. Wat Lp(a) bijzonder maakt, is dat de hoogte ervan voor meer dan 90 procent in uw DNA vastligt. Het niveau wordt bepaald door het LPA-gen, staat al vroeg in het leven vast en blijft daarna vrijwel onveranderd. Voeding, beweging en gewichtsverlies verschuiven de waarde nauwelijks. Daarom adviseert de Europese consensus om Lp(a) minstens één keer in het leven van iedere volwassene te meten. Eén bepaling volstaat meestal: u leert een getal kennen dat daarna niet meer verandert.

Meer informatie
Hematologie

MCH (Gemiddeld Hemoglobinegehalte)

MCH is de gemiddelde hoeveelheid hemoglobine in één rode bloedcel, berekend uit je hemoglobine en je aantal rode bloedcellen. Een lage waarde wijst vaak op ijzergebrek, een hoge waarde op een tekort aan B12 of foliumzuur. Lees wat jouw MCH kan betekenen.

1.65-2.1 1.65-2.1 fmol
Meer informatie
Hematologie

MCHC (Gemiddelde Hemoglobineconcentratie)

MCHC is de gemiddelde concentratie hemoglobine in je rode bloedcellen, berekend uit je hemoglobine en je hematocriet. Een lage waarde past bij ijzergebrek, een verhoogde waarde is zeldzaam en wordt meestal eerst gecontroleerd. Lees wat jouw MCHC kan betekenen.

19-22.5 19-22.5 mmol/l
Meer informatie
Hematologie

MCV

MCV staat voor mean corpuscular volume: het gemiddelde volume van een rode bloedcel, uitgedrukt in femtoliter. Bij volwassenen is een MCV tussen 80 en 100 fl normaal. Onder de 80 fl zijn uw rode bloedcellen klein, wat meestal op ijzergebrek wijst of op een erfelijke aanleg. Boven de 100 fl zijn ze groot, wat past bij een tekort aan vitamine B12 of foliumzuur, bij regelmatig alcoholgebruik, bij een traag werkende schildklier of bij leverziekte. De MCV stelt zelf geen diagnose: hij geeft de richting aan waarin verder gezocht wordt. En omdat het een gemiddelde is, kan de waarde normaal zijn terwijl er twee tekorten naast elkaar bestaan.

80-100 80-100 fl
Meer informatie
Mineralen

Magnesium

Magnesium is een essentieel mineraal dat betrokken is bij meer dan 300 enzymatische reacties in het lichaam, waaronder energieproductie, spier- en zenuwfunctie, bloedsuikerregulatie en botontwikkeling.

0.71-0.98 0.71-0.98 mmol/l
Meer informatie
Mineralen

Natrium

Natrium is een vitaal elektrolyt dat de vochtbalans, bloeddruk en zenuw- en spierfunctie reguleert. Het is het primaire kation in extracellulair vocht en wordt nauw gereguleerd door de nieren.

136-145 136-145 mmol/l
Meer informatie
Hart en Vaten

Non-HDL-cholesterol

Non-HDL-cholesterol is uw totale cholesterol min uw HDL-cholesterol. Wat overblijft is de cholesterol in álle deeltjes die zich in de vaatwand kunnen ophopen: LDL, IDL, VLDL, de restdeeltjes na vetvertering en Lp(a). Eén getal dus voor de volledige aderverkalkende belasting, zonder dat er een extra bepaling voor nodig is. De kracht van non-HDL zit in wat het níét nodig heeft. Er komt geen rekenformule aan te pas en u hoeft niet nuchter te zijn. Juist waar een berekend LDL onbetrouwbaar wordt, bij hoge triglyceriden of na een maaltijd, blijft non-HDL overeind. De bovengrens van 3,3 mmol/l op uw uitslag is een referentiewaarde van de bevolking en geen streefwaarde. Wat voor u een goede waarde is, hangt af van uw risicoprofiel.

Meer informatie
Hormonen

Oestradiol (E2)

Estradiol (E2) is de meest actieve vorm van oestrogeen en speelt een belangrijke rol bij de voortplanting, botdichtheid en het cardiovasculaire systeem. Afwijkende waarden kunnen wijzen op hormonale onbalans die uw zorgverlener kan beoordelen.

41-159 46-607 pmol/l
Meer informatie
Hormonen

Prolactine

Een prolactine bloedtest meet het niveau van prolactine, een hypofysehormoon dat voornamelijk bekend staat om zijn rol bij de lactatie. Prolactine beïnvloedt ook de reproductieve functie, immuunregulatie en metabole processen bij zowel mannen als vrouwen.

4-15.2 4.8-23.3 ug/l
Meer informatie
Hormonen

SHBG (Geslachtshormoonbindend Globuline)

SHBG staat voor geslachtshormoonbindend globuline, in het Engels sex hormone binding globulin. Het is een eiwit dat de lever aanmaakt. SHBG bindt testosteron stevig en oestradiol wat losser. Hormoon dat aan SHBG gebonden zit, kan niet in de weefsels werken. Daarmee bepaalt SHBG hoeveel van uw totale testosteron werkelijk beschikbaar is. SHBG is zelf geen geslachtshormoon, maar een transporteiwit. De uitslag wordt gemeten in nmol/l. De normaalwaarden verschillen per geslacht en per leeftijd, en bij mannen stijgt SHBG naarmate zij ouder worden. Een SHBG hoort daarom samen met de totale testosteron te worden beoordeeld, niet los.

18.3-76.7 27.1-128 nmol/l
Meer informatie
Schildklier

TSH (Schildklierstimulerend Hormoon)

TSH is het schildklierstimulerend hormoon. De hypofyse maakt het en stuurt daarmee uw schildklier aan. Bij het laboratorium dat de test uitvoert ligt het gebruikelijke bereik voor volwassenen tussen 0,27 en 4,20 mE/l. Een TSH te hoog past meestal bij een traag werkende schildklier. Een lage waarde past meestal bij een snel werkende schildklier. Die richting voelt omgekeerd, en dat is zij ook. TSH is namelijk het signaal van de hypofyse, niet het schildklierhormoon zelf. Laboratoria hanteren onderling licht verschillende grenzen. Kijk daarom altijd naar de referentiewaarde op uw eigen uitslag. Eén meting is bovendien nooit een diagnose.

0.27-4.2 0.27-4.2 mu/l
Meer informatie
Hormonen

Testosteron Totaal

Totaal testosteron meet de gecombineerde hoeveelheid gebonden en vrij testosteron in het bloed. Als het primaire androgeen kan testosteron spiermassa, botdichtheid, libido, stemming en energieniveaus bij zowel mannen als vrouwen beïnvloeden.

6.68-29 0.101-1.67 nmol/l
Meer informatie
Mineralen

Transferrine

Transferrine is het belangrijkste eiwit dat verantwoordelijk is voor het transport van ijzer in het bloed. Het vervoert ijzer van de darm en opslagplaatsen naar cellen die het nodig hebben, waaronder het beenmerg voor de productie van rode bloedcellen.

2-3.5 2-3.5 g/l
Meer informatie
Mineralen

Transferrine Saturatie

Transferrine saturatie meet het percentage van het ijzertransporteiwit transferrine dat bezet is door ijzer. Het is een belangrijke indicator van de ijzerstatus van uw lichaam en helpt bij het onderscheiden van verschillende oorzaken van ijzergerelateerde aandoeningen.

20-45 20-45 %
Meer informatie
Hart en Vaten

Triglyceriden

Triglyceriden zijn het meest voorkomende type vet in het lichaam, gebruikt voor energieopslag. Verhoogde waarden kunnen verband houden met een verhoogd risico op hart- en vaatziekten, vooral in combinatie met andere lipidenafwijkingen.

Meer informatie
Hematologie

Trombocyten

Het getal laat zien hoeveel bloedplaatjes er per liter meedoen. Bloedplaatjes zijn de kleinste deeltjes in je bloed en ze helpen een wondje dichten. Ze komen uit hetzelfde buisje als je rode en je witte bloedcellen. Samen heet dat het volledige bloedbeeld. Daardoor lees je dit getal nooit los. Pas naast je hemoglobine, je MCV en je leukocyten krijgt het betekenis. De normaalwaarde bij volwassenen ligt tussen 150 en 400 ×10⁹/l, voor mannen en vrouwen gelijk. Bloedplaatjes leven maar zeven tot tien dagen. Eén afwijkende meting is daarom zelden het hele verhaal.

150-400 150-400 10^9/l
Meer informatie
Stofwisseling

Urinezuur

Urinezuur is een afvalproduct dat wordt gevormd bij de afbraak van purinen, stoffen die van nature in het lichaam en in bepaalde voedingsmiddelen voorkomen. De nieren filteren normaal urinezuur uit het bloed voor uitscheiding.

Meer informatie

Wat meet een checkup per lichaamssysteem?

Een checkup per lichaamssysteem bundelt de bloedwaarden die bij dat systeem horen. De lever-checkup meet bijvoorbeeld ALAT, ASAT en GGT. De schildklier-checkup meet TSH en de schildklierhormonen. Zo krijg je een gericht beeld in plaats van één losse waarde.

Wij bieden acht checkups aan, één per lichaamssysteem. Denk aan lever, nieren, schildklier, hart en hormonen. Twijfel je welke checkup bij jouw vraag past? Onze keuzehulp helpt je in enkele vragen op weg.

Hoe werken referentiewaarden?

Bij elke bloedwaarde staat een referentiewaarde: het gebied waarbinnen de meeste gezonde mensen vallen. Referentiewaarden kunnen variëren tussen laboratoria. Dat komt door verschillen in meetmethode en de onderzochte groep. Val je buiten het bereik, dan is dat een signaal, geen diagnose.

Wanneer je een checkup bestelt, beoordeelt een BIG-geregistreerde arts je uitslag in context. Je krijgt dus meer dan alleen een getal. Bespreek behandelbeslissingen altijd met je huisarts.

Wanneer laat je opnieuw testen?

Veel waarden zijn na drie tot zes maanden opnieuw het meten waard. Dat geldt bijvoorbeeld als je een leefstijlverandering volgt, of een behandeling. Een eerste meting is dan je nulmeting; de volgende laat zien wat er is veranderd.

Ook zonder een lopende verandering kan een herhaalmeting nuttig zijn. Denk aan aanhoudende klachten, of gewoon om je waarden te blijven volgen. Kies zelf hoe vaak je meet, er zit geen vaste termijn aan vast.

Veelgestelde vragen over bloedwaarden

Welke bloedwaarden zijn normaal?
Dat verschilt per waarde en per laboratorium. Je referentiewaarde hangt onder meer af van je leeftijd, je geslacht en de gebruikte meetmethode. Zoek de waarde op in het overzicht hierboven en bekijk het bijbehorende bereik. Vergelijk dat bereik altijd met je eigen uitslag.
Heb ik een verwijzing nodig voor een checkup?
Nee, voor een checkup bij ons heb je geen verwijzing van de huisarts nodig. Je bestelt zelf de checkup die bij jouw vraag past. Na de bloedafname beoordeelt een BIG-geregistreerde arts je uitslag.
Kan een checkup een ziekte vaststellen?
Een checkup is geen diagnostisch onderzoek naar een specifieke ziekte. Een afwijkende waarde kan meerdere oorzaken hebben en vraagt vaak om vervolgonderzoek. Voor klachten die aanhouden ga je het beste naar je huisarts.
Hoe snel krijg ik mijn uitslag?
Dat verschilt per checkup en per laboratorium. Over het algemeen ontvang je je uitslag binnen enkele dagen na de bloedafname. Je ziet je waarden met uitleg terug in je account, beoordeeld door een arts.

Referentiewaarden kunnen variëren tussen laboratoria. Wanneer u een test bestelt, beoordeelt een BIG-geregistreerde arts uw persoonlijke resultaten in context. Bespreek voor behandelbeslissingen uw resultaten met uw huisarts.