Schildklier-checkup
Een bloedonderzoek met 4 schildklierwaarden — TSH, vrij T4, vrij T3 en anti-TPO — voor inzicht in hoe je schildklier functioneert.
TSH is het schildklierstimulerend hormoon. De hypofyse maakt het en stuurt daarmee uw schildklier aan. Bij het laboratorium dat de test uitvoert ligt het gebruikelijke bereik voor volwassenen tussen 0,27 en 4,20 mE/l. Een TSH te hoog past meestal bij een traag werkende schildklier. Een lage waarde past meestal bij een snel werkende schildklier. Die richting voelt omgekeerd, en dat is zij ook. TSH is namelijk het signaal van de hypofyse, niet het schildklierhormoon zelf. Laboratoria hanteren onderling licht verschillende grenzen. Kijk daarom altijd naar de referentiewaarde op uw eigen uitslag. Eén meting is bovendien nooit een diagnose.
Beoordeling door arts inbegrepen
Bekijk de waarde die voor jou geldt:
Kies man of vrouw — dit bereik verschilt per geslacht.
Vul je leeftijd in — dit bereik verandert met de leeftijd.
Dit bereik hangt ook af van bijvoorbeeld cyclusfase of afnamemateriaal; de gemarkeerde rijen gelden voor jouw groep.
Referentiewaarden kunnen variëren tussen laboratoria. Wanneer u een test bestelt, beoordeelt een BIG-geregistreerde arts uw persoonlijke resultaten in context. Bespreek voor behandelbeslissingen uw resultaten met uw huisarts.
Check je eigen waardeEen TSH-bepaling meet hoeveel schildklierstimulerend hormoon er in uw bloed circuleert. Het hormoon TSH komt uit de hypofyse, een kliertje onder in de hersenen. De hypofyse maakt TSH en stuurt daarmee de schildklier aan. De schildklier maakt vervolgens de hormonen T4 en T3.
De terugkoppeling tussen die twee is log-lineair, niet recht evenredig. Een kleine daling van vrij T4 geeft een veel grotere stijging van TSH. Daardoor is TSH de gevoeligste enkele test voor schildklierziekte. Dat verklaart ook iets wat vaak verwarring geeft. TSH kan al ver buiten de referentie liggen terwijl vrij T4 nog normaal is.
De richting is tegengesteld aan wat de meeste mensen verwachten. Werkt de schildklier te traag, dan trekt de hypofyse harder en stijgt TSH. Maakt de schildklier juist te veel hormoon, dan valt het signaal weg en daalt TSH. Een hoge waarde wijst dus op een trage schildklier. Een lage waarde wijst op een snel werkende schildklier.
| TSH | Vrij T4 | Hoe dit doorgaans wordt gelezen |
|---|---|---|
| verhoogd | normaal | subklinische hypothyreoïdie |
| verhoogd | verlaagd | manifeste hypothyreoïdie |
| verlaagd | normaal | subklinische hyperthyreoïdie |
| verlaagd | verhoogd | manifeste hyperthyreoïdie |
| normaal of laag | verlaagd | wijst naar de hypofyse, niet de schildklier |
De afname gebeurt met een gewone bloedafname uit de arm. Nuchter zijn is niet nodig. De eenheid staat op uitslagen als mE/l, mU/l of mIU/l. Dat zijn dezelfde eenheden met een andere schrijfwijze. TSH wordt zelden alleen beoordeeld. Vrij T4 hoort er bijna altijd bij, omdat pas de combinatie het beeld compleet maakt.
TSH is de test waarmee schildklierziekte in Nederland vrijwel altijd begint. Dat komt door de log-lineaire terugkoppeling: de hypofyse versterkt een kleine verandering tot een grote. Het is tegelijk de test die het vaakst verkeerd wordt gelezen. Vier misverstanden komen steeds terug.
Het eerste is de richting. Veel mensen lezen een hoge waarde als een te snel werkende schildklier. Het omgekeerde is waar. Een TSH te hoog betekent dat de hypofyse harder moet trekken. Dat gebeurt juist als de schildklier te weinig hormoon aanmaakt.
Het tweede is het verschil tussen subklinisch en manifest. Subklinische hypothyreoïdie is een TSH boven de bovengrens bij een normaal vrij T4. Subklinische hyperthyreoïdie is een TSH onder de ondergrens bij een normaal vrij T4 én vrij T3. Manifest betekent dat het schildklierhormoon zelf buiten de range ligt. Die vier woorden bepalen hoe een arts uw uitslag weegt.
Het derde is leeftijd. De bovengrens van TSH stijgt met de jaren. In NHANES III liep de 97,5e percentiel op van 3,56 mE/l bij twintigers naar 7,49 mE/l boven de tachtig. Bij één vaste labgrens wordt daardoor een deel van de ouderen ten onrechte als subklinisch hypothyreoot bestempeld. Naar schatting viel zeventig procent van hen binnen de eigen leeftijdsspecifieke range.
| Leeftijdsgroep | 97,5e percentiel TSH (NHANES III) |
|---|---|
| 20 tot 29 jaar | 3,56 mE/l |
| 30 tot 49 jaar | ongeveer 4,0 mE/l |
| 50 tot 69 jaar | ongeveer 4,7 mE/l |
| 70 tot 79 jaar | ongeveer 5,9 mE/l |
| 80 jaar en ouder | 7,49 mE/l |
Deze getallen komen uit onderzoek, niet uit de referentiekolom van het laboratorium. Zij verklaren waarom een arts bij een oudere lezer soms niets doet met een licht verhoogde waarde.
Het vierde is dat TSH niet altijd bruikbaar is. Bij ziekte van de hypofyse klopt het signaal per definitie niet. Ook kort na behandeling van een te snel werkende schildklier blijft TSH nog maanden onderdrukt. Tijdens ernstige ziekte en bij bepaalde stoorstoffen in het bloed is de uitslag evenmin betrouwbaar.
Stop tijdelijk met biotine
NodigGebruik je een supplement met biotine (vitamine B8, vaak in haar-, huid- en nagelsupplementen)? Stop daar 72 uur vóór de afname mee. Biotine verstoort de meting van deze waarden.
Tijdstip goed om te weten
Goed om te wetenPrik je deze waarde vaker, kies dan steeds hetzelfde tijdstip. Zo zijn de uitslagen onderling vergelijkbaar.
TSH wordt aangevraagd bij klachten die bij een trage of snelle schildklier passen. Denk aan aanhoudende vermoeidheid, gewichtsverandering, kouwelijkheid, hartkloppingen of een veranderde stemming. Ook bij een onverklaarde verandering in de menstruatiecyclus is het een logische eerste stap.
Het tijdstip doet ertoe, en meer dan bij de meeste bloedwaarden. TSH piekt 's nachts tussen 02:00 en 04:00 uur en zakt in de vroege middag. De variatie binnen één persoon over een etmaal is ongeveer 31 procent. Ter vergelijking: voor de schildklierhormonen zelf is dat 4 tot 7 procent.
Dat verschil is klinisch merkbaar. In onderzoek onder mensen met subklinische hypothyreoïdie lag de mediane TSH 's ochtends op 5,83 mE/l. 's Middags lag diezelfde mediaan op 3,79 mE/l. Ongeveer de helft van de gevallen was op de middagafname niet meer als afwijkend te herkennen. Prik daarom bij herhaling steeds rond hetzelfde tijdstip.
Na een dosisaanpassing van schildkliermedicatie duurt het 6 tot 8 weken voor TSH een nieuw evenwicht bereikt. Eerder hercontroleren geeft een getal dat nog onderweg is.
In de zwangerschap gelden andere grenzen. hCG stimuleert de TSH-receptor, waardoor TSH in het eerste trimester fysiologisch daalt.
| Periode | Wat er met TSH gebeurt |
|---|---|
| eerste trimester | fysiologisch lager; bovengrens rond 4,0 mE/l |
| tweede trimester | geleidelijk terug richting de gewone waarden |
| derde trimester | vrijwel de niet-zwangere range |
De ATA-richtlijn van 2017 laat de oude grens van 2,5 mE/l los. Ontbreken lokale trimesterranges, dan wordt de ondergrens ongeveer 0,4 mE/l verlaagd en de bovengrens ongeveer 0,5 mE/l. Bespreek een afwijkende waarde in de zwangerschap altijd met uw verloskundige of arts.
Een lage TSH betekent dat de hypofyse het signaal terugdraait. Meestal gebeurt dat omdat de schildklier zelf te veel hormoon maakt. De klachten die daarbij passen zijn die van een snel werkende schildklier. Veelgenoemd zijn hartkloppingen, onrust, prikkelbaarheid en slecht slapen. Ook overmatig zweten, slecht tegen warmte kunnen en trillende handen komen voor. Gewichtsverlies bij een normale of zelfs toegenomen eetlust is een klassiek patroon. Sommige mensen merken dunner wordend haar of een vaker terugkerende stoelgang.
Niet elke lage waarde betekent een te snelle schildklier. Een te hoge dosis schildkliermedicatie geeft hetzelfde beeld. In het eerste trimester van de zwangerschap is een lagere TSH normaal. Ook glucocorticoïden en dopamine onderdrukken TSH. Hoge doses biotine kunnen de uitslag bovendien vals verlagen. Klachten en een tweede meting bepalen samen wat het getal betekent.
Een hoge TSH betekent dat de hypofyse harder trekt aan de schildklier. Dat gebeurt wanneer de schildklier te weinig hormoon aanmaakt. De bijbehorende klachten zijn die van een trage schildklier. Vermoeidheid die niet overgaat met rust staat bovenaan. Verder komen kouwelijkheid, een droge huid, brozer haar en obstipatie voor. Gewichtstoename zonder duidelijke verandering in eten of bewegen wordt vaak genoemd. Ook trager denken, somberheid en spierpijn passen in het beeld. Bij vrouwen kan de menstruatie zwaarder of onregelmatiger worden.
Belangrijk is dat veel mensen met een licht verhoogde waarde helemaal niets merken. Bij subklinische hypothyreoïdie is het schildklierhormoon zelf immers nog normaal. Een enkele verhoogde uitslag is bovendien vaak tijdelijk. Herstel na een infectie, het tijdstip van prikken en stoorstoffen in het bloed spelen allemaal mee. Daarom wordt een afwijkende waarde standaard na enkele weken herhaald.
Laag TSH kan wijzen op hyperthyreoïdie. Overweeg schildklierfunctie panel (Vrij T4, Vrij T3) en consultatie met endocrinoloog.
Hoog TSH duidt op hypothyreoïdie. Overweeg schildklierhormoonsuppletie en consultatie met endocrinoloog.
Laag TSH kan wijzen op hyperthyreoïdie. Overweeg schildklierfunctie panel (Vrij T4, Vrij T3) en consultatie met endocrinoloog.
Hoog TSH duidt op hypothyreoïdie. Overweeg schildklierhormoonsuppletie en consultatie met endocrinoloog.
Er is geen dieet of supplement dat een TSH waarde betrouwbaar bijstuurt. Wat u wel kunt beïnvloeden, is of de meting klopt. Vier punten maken in de praktijk het meeste verschil.
Staak hoge doses biotine ruim voor de afname. Biotine zit in veel haar-, huid- en nagelsupplementen, vaak in doses van 5 tot 10 milligram. Op veel laboratoriumplatforms verlaagt dat de TSH-uitslag vals en verhoogt het vrij T4 en vrij T3 vals. Het resultaat lijkt dan op een snel werkende schildklier bij een volledig gezonde schildklier. Meestal wordt 48 tot 72 uur staken geadviseerd. Bij zeer hoge doses is langer nodig. Een gewone multivitamine met enkele microgrammen geeft dit probleem niet.
Prik steeds rond hetzelfde tijdstip. Door het dagritme scheelt dat meer dan de meeste mensen denken.
Gebruikt u schildkliermedicatie, prik dan vóór de tablet van die dag. Voor TSH is dat minder kritisch dan voor vrij T4, maar het houdt metingen onderling vergelijkbaar.
Meld welke medicatie u gebruikt. Lithium en amiodaron kunnen de schildklier ontregelen. Protonpompremmers, calcium en ijzer verminderen de opname van levothyroxine. Dat kan een onverwacht hoge waarde verklaren. Pas nooit zelf uw dosering aan op basis van een zelf aangevraagde test.
TSH staat voor schildklierstimulerend hormoon. De hypofyse maakt het en gebruikt het om de schildklier aan te sturen. Het is dus geen schildklierhormoon, maar het signaal ernaartoe. De schildklier maakt vervolgens T4 en T3. Omdat de hypofyse een kleine verandering sterk uitvergroot, is TSH de gevoeligste enkele test voor schildklierziekte.
Bij het laboratorium dat de test uitvoert loopt het gebruikelijke bereik voor volwassenen van 0,27 tot 4,20 mE/l. Andere laboratoria hanteren soms iets andere grenzen, bijvoorbeeld 0,4 tot 4,0. Dat is geen fout, maar een gevolg van andere apparatuur en een andere referentiegroep. Vergelijk uw uitslag daarom met de referentiekolom op uw eigen rapport.
Omdat TSH het signaal is en niet het hormoon zelf. Maakt de schildklier te weinig, dan merkt de hypofyse dat en stuurt meer TSH. Het getal stijgt dus juist als de schildklier achterblijft. Bij een snel werkende schildklier gebeurt het omgekeerde en zakt TSH.
Ja, en dat komt vaak voor. TSH volgt een dagritme met een piek tussen 02:00 en 04:00 uur en een dal in de vroege middag. De variatie binnen één persoon is ongeveer 31 procent per etmaal. Ook herstel na ziekte, stress en bepaalde medicatie verschuiven de waarde tijdelijk.
Nee, nuchter zijn is voor TSH niet nodig. Het tijdstip doet er wel toe, want de waarde ligt 's ochtends hoger dan in de middag. Prik bij herhaling daarom rond hetzelfde tijdstip. Gebruikt u schildkliermedicatie, prik dan bij voorkeur vóór de tablet van die dag.
Omdat één afwijkende TSH zelden genoeg is om iets te concluderen. Het dagritme, een doorgemaakte infectie en stoorstoffen in het bloed kunnen de uitslag verschuiven. Bevestiging na enkele weken is daarom standaard. Vaak wordt dan ook vrij T4 bepaald, omdat pas de combinatie laat zien wat er speelt.
In vier situaties. Bij ziekte van de hypofyse klopt het signaal per definitie niet. Kort na behandeling van een te snel werkende schildklier blijft TSH nog maanden onderdrukt. Tijdens ernstige ziekte is de uitslag onbetrouwbaar. En stoorstoffen zoals macro-TSH geven een hoog getal zonder enige klacht.
Deze marker is opgenomen in de volgende testpanelen.
Een bloedonderzoek met 4 schildklierwaarden — TSH, vrij T4, vrij T3 en anti-TPO — voor inzicht in hoe je schildklier functioneert.
Een bloedonderzoek met 7 hormoonwaarden voor vrouwen — oestradiol, FSH, LH, prolactine, SHBG, testosteron totaal en cortisol — voor inzicht in je hormoonbalans.
Een breed bloedonderzoek met 18 waarden uit lever, nieren, schildklier, hart, vitamines en bloedbeeld.
Medisch adviseur
Dr. Naimi ziet toe op de medische standaarden achter onze content en beoordelingen.
Medisch beleidBeoordeling door arts inbegrepen
Elk resultaat bevat een professionele beoordeling door een BIG-geregistreerde arts. Bespreek voor behandelbeslissingen uw resultaten met uw huisarts.
TSH (Schildklierstimulerend Hormoon)
€26,-
We gebruiken cookies om het sitegebruik te analyseren en de effectiviteit van advertenties te meten.
Privacybeleid